|
|
|

|
Californië &
de rest van Amerika |



















 |
| Alaska |
| Alaska ligt in het meest noordwestelijke deel
van het Noord-Amerikaanse vasteland. Het is de grootste staat van de
Verenigde Staten met een oppervlakte van 1.518.775 vierkante kilometers. Het
inwonersaantal bedraagt 450.000 en dit maakt Alaska daarmee de dunst
bevolkte staat van de Verenigde Staten. In het oosten grenst Alaska aan
Canada. Verder wordt Alaska omsloten door water. Het is een staat van
uitersten: Alaska heeft meer dan de helft van alle gletsjers op zijn
grondgebied en bijvoorbeeld meer dan 52.000 km aan kustlijn. Van noord naar
zuid is de afstand 2240 km, van oost naar 1392 km. De hoofdstad van Alaska
is Juneau maar de grootste stad is Anchorage. Anchorage is naar verhouding
dicht bevolkt. Bijna de helft van alle inwoners van Alaska heeft hier een
onderkomen. Anchorage |
| Anchorage is met ruim 260.000 inwoners de
grootste stad van Alaska. Hiermee bieden Anchorage en haar voorsteden
Chugiak, Eagle River, Eklutna en Girdwood onderdak aan 42% van de bevolking
van Alaska, de grootste staat van de Verenigde Staten. Een groot deel van de
overige 58% van de Alaskanen beschouwt Anchorage, met zijn grootstedelijke
faciliteiten, niet als onderdeel van het echte Alaska en noemt de stad dan
ook minachtend Los Anchorage, als ware het een voorstad van Los Angeles.
Voor wie maar even een voet buiten de stad zet of alleen al de schitterende
omgeving aanschouwt, zal zien dat dat absoluut niet waar is. Anchorage is
een klein stukje beschaving in de wildernis van Alaska.
Anchorage werd
rond 1914 gesticht op het kruispunt van de Turnagain Arm en de Knik Arm van
de Cook Inlet. Anchorage was in het beginjaren niet meer dan een tentenkamp
voor de arbeiders aan de spoorlijn van Seward naar Fairbanks. Op het
hoogtepunt had de stad destijds 4000 inwoners, maar nadat de spoorlijn was
aangelegd daalde dit aantal weer naar een kleine 2000 inwoners. Het duurde
tot vlak voor de Tweede Wereld oorlog, dat door de aanleg van militaire
bases, dit aantal weer ging stijgen.
Op Goede Vrijdag 1964 werd een groot deel van Alaska getroffen door een
aardbeving van 9.2 op de schaal van Richter. Het epicentrum lag in Prince
William Sound, hemelsbreed zo'n 100 mijl van Anchorage. Het oorspronkelijke
stadje Valdez aan de Prince William Sound werd daarbij van de kaart geveegd,
maar ook in Anchorage (en de rest van Alaska) was er de nodige schade. De
aardbeving maakt de kleilaag onder de stad vloeibaar, waardoor tientallen
huizen door een aardverschuiving in de Cook Inlet verdwenen. Op dit punt
ligt tegenwoordig Earthquake Park.
De laatste inwoners explosie ontstond in de jaren zeventig met de aanleg van
de Alaska Pipeline, een olie pijpleiding van Prudhoe Bay in het noorden,
naar Valdez in het zuiden. Hierbij vestigden diverse oliemaatschappijen hun
kantoren in Anchorage.
Naast de oliemaatschappijen is de Ted Stevens Anchorage International
Airport tegenwoordig ook één van de grootste werkgevers in de stad. Het
vliegveld is vooral een belangrijke schakel in het internationale
vrachtvervoer en staat op de vijfde plaats in de lijst met drukste
vrachtvliegvelden in de wereld. Lake Hood, het drukste watervliegtuig
"vliegveld" ter wereld, is ook onderdeel van het vliegveld.
Downtown bevindt zich het Alaska Experience Center wat twee attracties
huisvest, het Alaska Experience Theatre en de Alaska Earthquake Exhibit. Het
Alaska Experience Theatre is een Imax theater waar een indrukwekkende film
draait over Alaska. De Alaska Earthquake Exhibit is een klein museum met
informatie over de aardbeving van 1964 en tevens is er een beetje een suffe
thrillride met een film over de aarbeving, waarbij de stoelen gaan trillen.
In Earthquake Park, aan het einde van de Norhtern Lights Boulevard
vlakbij het Ted Stevens Anchorage International Airport, is een gedenkteken
van de aardbeving van 1964 en er kan een wandeling gemaakt worden langs de
kust waar tijdens de aardbeving vele huizen in het water van de Cook Inlet
verdwenen.
Bij helder weer is het zelfs mogelijk om vanuit Earthquake Park de Mount
McKinley te aanschouwen, welke hemelsbreed 210 kilometer ten noorden van
Anchorage ligt! De Mount McKinley is met een hoogte van bijna 7 kilometer,
de hoogste berg van Noord Amerika en deze ligt in het Denali National Park.
Als u vanuit Anchorage over de Seward Highway richting Seward rijdt,
bevindt zich vlak buiten Anchorage het Anchorage Coastal Wildlife Refuge. In
dit moerasgebied kunt u vele verschillende vogelsoorten observeren.
Denali National Park |
| Denali National Park is Alaska's
best bezochte en meest bekende trekpleister. Hier ligt de, Mount McKinley,
met een hoogte van 6194 meter de hoogste berg van Noord-Amerika. De top van
de berg is vaak in de wolken gehuld en vormt daarom vaak een teleurstelling
voor die bezoekers die speciaal hiervoor naar Alaska komen. De top is eeuwig
met sneeuw bedekt. Diegenen die wel geluk hebben en de top mogen aanschouwen
bij helder weer zullen verbaasd zijn over het massieve en zeer
indrukwekkende aangezicht dat deze berg biedt. Het park bestaat sinds 1980.
Het is feitelijk gevormd door twee parken: 1) Mount McKinley National Park
(1917) en 2) Denali National Monument (1978). De Athabascan indianen hebben
de McKinley de naam Denali gegeven wat niets meer of minder betekent dan "de
Hoge". Het park is één van de best toegankelijke recreatieve wildernissen
van Alaska. Het park is vanuit Anchorage en Fairbanks te bereiken via
Highway 3. Het heeft een oppervlakte van 24.315 vierkante kilometers. De
Mount McKinley is veruit de hoogste berg in de Alaska Range. De gehele
Alaska Range laat een indrukwekkend beeld achter op je netvlies. De lengte
van deze bergketen is 930 km en strekt zich in het zuidelijke deel van
Alaska uit. In dit gebied lopen kariboes, lynxen, wolven, grizzlyberen, dall
sheep en Amerikaanse elanden rond. De Mount McKinley wordt al vele eeuwen
Denali genoemd maar werd in het jaar 1897 door William A. Dickey genoemd
naar president William McKinley. In 1917 werd het nationaal park Mount
McKinley geopend en werd daarmee één van de grootste nationale parken van de
Verenigde Staten. De zomers in het park zijn over het algemeen koel en
regenachtig maar kunnen ook warm en droog zijn. De maximumtemperatuur is in
de maand juli gemiddeld 19 graden Celsius. De gemiddelde minimumtemperatuur
is in dezelfde maand 6 graden Celsius. Het weer is volkomen onvoorspelbaar.
Op één dag kan men regen, ijzel, hagel, sneeuw, mist en zonneschijn
meemaken. De wintermaanden zijn streng en hard maar zo heel af en toe zijn
de winters lekker. Sneeuwen kan het ook in het park want 2 meter sneeuwval
is een mogelijkheid. En in welke maand men er zit maakt niets uit, een
sneeuwbui kan altijd uit de lucht vallen. Een groot gedeelte van het gebied
heeft last van de zogenaamde 'Permafrost', de grond blijft daarbij tot op
een bepaalde diepte duizenden jaren bevroren. In de zomermaanden zal een dun
bovenlaagje ontdooien. Deze dooi is net genoeg om de levensvormen in het
park te laten overleven. De weinige zonneschijn op deze plek weerhoudt de
groei van de meeste vegetatie waardoor planten niet volwaardig groeien en
van voortplanting vrijwel geen sprake is. Gates of the Arctic National
Park |
| De Gates of the Arctic National
Park (Poorten tot de Noordelijke IJszee) omvatten een deel van de
noordelijkst gelegen voortzetting van de Rocky Mountains, ook bekend als de
Brooks Range. Vaak wordt dit park omschreven als de grootste nog ongerepte
wildernis van Noord-Amerika. De kenmerken van het landschap zijn
scherpgetande bergpieken, snelstromende rivieren, mooie dalen en veel
natuurlijke meren. In het zuidelijk deel van het park zijn de rivierdalen
bebost. Het park bestaat uit bergketens die worden doorsneden door
schitterende dalen met, in de meeste gevallen, rivieren en bergmeren. Het
water daarvan is kristalhelder. Het grootste deel van dit park is, ten
noorden van de boomgrens, begroeid met struiken en toendravegetatie. In 1980
verkreeg dit gebied de status van nationaal park. Hiervoor was de naam Gates
of the Arctic National Monument. De oppervlakte bedraagt 32.795 vierkante
kilometers. Dit park ligt ten noordwesten van Fairbanks en is alleen te voet
of per vliegtuig te bereiken. Door de moeilijke bereikbaarheid van dit
nationale park is het tevens het minst bezochte park van Alaska. Het gehele
park ligt binnen de poolcirkel. Over het algemeen zijn de zomers in het park
erg mild en schommelen de maximumtemperaturen tussen de 16 en 19 graden.
Zelfs in de maanden juli en augustus kan het in het park vriezen. De winters
zijn over het algemeen bijzonder streng. De lente en herfst zijn behoorlijk
koel en duren ook niet al te lang. Net zoals in Denali National Park komt
men hier wolven, grizzlyberen, Dall sheep en Amerikaanse elanden tegen. Ook
de zwarte beer, kariboes, marmotten, veelvraten en grondeekhoorns leven
hier. Ook zijn er in het park diverse soorten trekvogels en arenden te
vinden. Men kan in dit park uitstekend mooie trektochten maken. Er zijn
echter geen gebaande paden in het park. Wandelaars worden over het algemeen
door vliegtuigjes gedropt en ook weer opgehaald. In het park zijn geen
bezoekers- en slaapaccommodaties te vinden dus mocht men hier gaan wandelen
dan dient men in het bezit te zijn van regen- wandelkleding, warme kleding
en kampeeruitrusting. Verder is het van belang dat deze spullen van
voortreffelijke kwaliteit zijn want de omstandigheden in dit park kunnen
behoorlijk streng zijn. Kampeerterreinen, logiesmogelijkheden en/of hutten
zijn er niet in het park maar overal is kamperen toegestaan. Ten zuiden van
het park (op 32 km afstand) ligt het plaatsje Bettles waar een motel is met
winkel en kanoverhuur. Ook zijn er excursies door ervaren gidsen als men
liever niet op eigen houtje gaat ontdekken.
Glacier Bay National Park |
| Dit park, in het zuidoostelijke deel van Alaska, heeft 16 actieve
getijdengletsjers, met ijsformaties gevulde baaien, mooie bossen en veel
wilde dieren. Er zijn robben, berggeiten, beren en meer dan 150
verschillende vogelsoorten. Verder is een belangrijk onderdeel van het park
de bultrugwalvis die hier in de zomer komt foerageren in het planktonrijke
water. De bultrugwalvis kan een lengte van meer dan 15 meter bereiken met
een gewicht van meer dan 45 ton. In 1980 werd Glacier Bay National Park een
feit. Daarvoor was het een nationaal monument waarvan de grenzen al in 1925
waren vastgesteld. Er lopen geen wegen door het park waardoor het alleen met
een schip of vliegtuig toegankelijk is. In 1794 voer kapitein George
Vancouver door de Icy Strait, waar het wemelde van de ijsschotsen. Glacier
Bay was toen nog niet meer dan een insnijding in de kustlijn. Op het diepste
punt van deze inkerving verrees een gigantische muur van ijs, de in zee
uitmondende tong van een immense gletsjer die het brede, diepe bassin van de
huidige Glacier Bay volledig in beslag nam. Het ijs van de gletsjer strekte
zich uit over een afstand van meer dan 160 km in noordelijke richting. Op
veel plaatsen was de ijslaag meer dan 1200 m diep. In 1879 ontdekte
onderzoeker John Muir, toen hij per kano een tocht maakte, dat de ijstong
zich over een afstand van 48 km had teruggetrokken en dat daar een
uitgestrekt naaldwoud van sparren en dennen begon te groeien. Eb en vloed
hadden vrij spel gekregen in de baai en zorgden in de diepe fjorden voor de
getijdenbeweging. Ook na 1879 bleven de gletsjers terrein prijsgeven.
Nergens ter wereld hebben gletsjers zich in zo'n hoog tempo teruggetrokken.
Dit fenomeen trok de aandacht van onderzoekers waardoor er inmiddels nogal
wat bekend is over ijsrecessie. Heden ten dage trekt het ijs zich nog steeds
terug. De Muir Glacier trok zich over een periode van zeven jaar 8 km terug.
De gletsjers die men momenteel nog in het park vindt zijn restanten van een
opmars van het ijsveld die ongeveer vierduizend jaar geleden is begonnen. In
het water van de Glacier Bay wemelt het van de ijsbergen. In combinatie met
de gletsjers, diepe smalle fjorden, met sneeuw bedekte bergen en dichte
naaldwouden is Glacier Bay een uniek en prachtig wildernisgebied.
Katmai National Park |
| Dit nationaal park staat bekend, en is beroemd, om de Valley of Ten Thousand
Smokes. Dit prachtige dal is een maanachtig landschap, gecreëerd door een
van de krachtigste vulkaanerupties uit de moderne tijd. Maar buiten dit
gebied om heeft dit park nog een grote verscheidenheid aan natuurschoon met
riviertjes, bergen, meren en moerassen. De oppervlakte van het park is
17.396 vierkante kilometers en in 1980 kreeg dit gebied de status van
nationaal park. Lake Naknek maakt deel uit van een web van riviertjes,
moerassen en vennen, ontstaan in dalen die zijn uitgeslepen door het ijs. In
het westelijk deel van het park zijn de lage gedeelten van de berghellingen
begroeid met sparren en berken. Op het hogere deel van de hellingen gaan de
bossen over in toendra's met in de zomer een pracht aan bloemen. In het
merengebied zijn de wilde dieren te vinden zoals: de Amerikaanse eland, de
bever, de stern, de Amerikaanse adelaar, de wolf, de vos, de lynx en de
Alaska beer. Deze laatste voedt zich met de rode zalm die in de riviertjes
zwemt. Voorbij het merengebied verrijst de ruggengraat van het schiereiland,
de Aleutian Range, met zijn met sneeuw bedekte toppen. Deze vulkanische
bergen werden gevormd door gletsjers. Uit sommige vulkanen komt rook of
stoom. De toppen van de Aleutian Range bereiken hoogten van 2100 meters. De
160 km lange kustlijn van dit park heeft diepe baaien, rotspartijen, steile
klippen, grillig gevormde inhammen en brede stranden. Het is een ideaal
woongebied voor zeeleeuwen, zeeotters en vele andere diersoorten. In de
zomermaanden schommelt de maximumtemperatuur zo ongeveer rond de 17 graden.
De laagste temperatuur is dan ongeveer 7 graden. Bij een bezoek moet men
rekening houden met plotseling opkomende stortbuien en windkrachten die soms
kunnen veranderen in een storm. Verder is in de zomermaanden een
insektenverdrijver een noodzakelijk kwaad. De winters in het gebied zijn
uitzonderlijk streng en bar. Het achterland van dit park is bijzonder
boeiend. Er zijn nogal wat korte wandelroutes te volgen maar ook het maken
van meerdaagse tochten is geen probleem in dit park. Men moet bij een bezoek
aan het achterland rekening houden met het feit dat er weinig gebaande paden
zijn. Er is in het park één kampeerterrein aangelegd. Mocht men buiten dit
terrein kampvuurtjes willen maken dan dient men een kosteloze vergunning te
hebben. Mocht men een meerdaags bezoek brengen aan het park dan is het
verstandig proviand en drinkwater in te slaan. Het park is niet bereikbaar
met de auto. Voor een bezoek moet men vanaf Anchorage met een vliegtuig naar
de plaats King Salmon. Vanuit King Salmon kan men met een amfibievliegtuig
naar Brooks River om vervolgens de bus naar het park te kunnen nemen.
Kenai Fjords National Park |
| Dit park wordt gekenmerkt door de ruige wildernis aan de kust, door
gletsjers gevormde bergdalen en fjorden, een ontzettend groot ijsveld waarin
de Kenai Mountains vrijwel in het geheel zijn verdwenen (alleen de toppen
steken er nog boven uit) en verschillende getijdengletsjers. Het park ligt
halverwege de zuidelijke kust en heeft een oppervlakte van 2296 vierkante
kilometers. Langs de kust liggen sparren en dennen waar bijvoorbeeld de
Amerikaanse adelaar leeft. De berggeiten leven op de rotsachtige hellingen
die boven de boomgrens liggen. Zeeleeuwen, zeeotters en robben vinden hun
plek in de ondiepe baaien en lagunes. Duizenden soorten zeevogels brengen
jaarlijks hun jongeren groot op de steile klippen en eilandjes voor de Kenai
Fjords. Doordat de vochtige zeelucht van de Golf van Alaska sterk afkoelt,
wanneer deze in aanraking komt met de koude berglucht, valt in dit gebied
zeer veel regen. Hierdoor vormt zich één grote ijsmassa in combinatie met
scheuren en spleten. Dit laatste is voor de onervaren bezoeker dan ook
levensgevaarlijk. Als men een tocht zou willen maken over het Harding
Icefield dient men zich goed te realiseren dat ervaring één van de
belangrijkste voorwaarden is om een tocht over de ijsmassa tot een goed
einde te brengen. Onervaren mensen dienen op z'n minst vergezeld te zijn van
een gids. Voor vertrek is het verstandig de autoriteiten te laten weten dat
men het gebied ingaat. Na de trip is het verstandig te melden dat de trip
heelhuids volbracht is. Warme en zonnige dagen komen wel voor in het gebied
maar zijn uiterst zeldzaam. De maximumtemperaturen schommelen in de
zomermaanden tussen de 10 en 15 graden. De winters zijn ook hier
uitzonderlijk streng en voor een bezoek aan dit park zijn winter- en
regenkleding een standaard begrip.
Lake Clark National Park |
| Honderdzestig km ten zuidwesten van Anchorage ontmoeten de Alaska Range en
de Aleutian Range elkaar in het Lake Clark National Park. Het park, met een
oppervlakte van 9874 vierkante km, ligt in het hart van de Chigmit Mountains
langs de westkust van de Cook Inlet. De kenmerken van dit park zijn twee
rokende vulkanen, ruige bergen, bergdalen, grillige kusten, gletsjers,
rivieren en ijsmeren. Lake Clark, dat voor de helft in het park loopt, biedt
de aanblik van één langwerpig aquamarijnkleurig lint van door gletsjers
aangevoerd water. Langs dit water zijn gekartelde bergpieken tot een hoogte
van 2400 meter de uiterlijke schoonheden. De bergen worden doorsneden door
de Lake Clark Pass en de Merill Pass, met aan weerskanten tientallen
gletsjers en honderden watervallen die omlaag storten. Aan de oostzijde van
het park zijn twee vulkanen actief: Mount Iliama en Mount Redoubt. De
klimatologische omstandigheden worden gevormd door de zee en continentale
factoren. In de zomer kan de temperatuur in het park aangenaam zijn maar de
winter kan bar en streng zijn. Wel valt er in het park veel neerslag. Voor
wandelaars en trekkers is het park aantrekkelijk. Kamperen en wildwatervaren
behoren ook tot de mogelijkheden in het park. Ook de hengelsport is hier een
favoriete sportbeoefening. Het park is op sommige plaatsen uiterst
onherbergzaam gebied. De wilde dieren hier zijn Alaska beren, het Dall sheep
en de Amerikaanse eland. De inheemse eskimo's leven hier nog steeds zoals
hun voorvaderen dat deden. Overal in het achterland mag gekampeerd worden.
Men kan het park op eigen houtje bezoeken maar ook onder leiding van een
ervaren gids. Wrangel Saint Elias National Park |
| Dit park, met een oppervlakte van 32.984 vierkante kilometer, grenst aan het
Canadese Yukon Territory. Dit prachtige en zeer grote park is van een
ongerepte schoonheid. Het strekt zich vanaf de Tetlin-laagvlakte in het
noorden uit in de zuidelijke richting en omsluit daarbij een deel van de
hoge Wrangell Mountains en Saint Elias Mountains. Vanaf dit gebied gaat het
park voort tot aan de stranden aan de Golf van Alaska. Op het grondgebied
van dit park liggen enkele van de hoogste bergen van Noord-Amerika. De
kenmerken van het park zijn bergen, gletsjers en ijsvelden. Dit park telt
meer dan honderd gletsjers waarvan de Malaspina Glacier en de Nabesna
Glacier tot de allergrootste van de wereld behoren. Ook heeft het park
tientallen grote rivieren op zijn grondgebied. In de zomer is het vaak koel
en regenachtig. Echter warme dagen met helder weer zijn in de zomer ook niet
ongewoon. De maand juli is vaak de maand met het mooiste weer. De maand
augustus is aanmerkelijk koeler maar heeft als grote voordeel dat de
muskieten niet meer aanwezig zijn. Wandelen, langlaufen, wildwatervaren en
bergbeklimmen zijn enkele activiteiten die hier goed te doen zijn. Kamperen
is in het achterland toegestaan en er zijn enkele primitieve
kampeerterreinen. Het park is te bereiken via een route die gedurende een
deel van het jaar open is voor voertuigen met vierwielaandrijving. In de
zomer kunnen gewone auto's de route ook nemen. Kerngegevens van Alaska |
- Hoofdstad = Anchorage
- Bevolking = 634.892
- Oppervlak = 571.951
- Bijnaam = The Last Frontier
Voor informatie over hotels in Alaska, ga naar: |
| Voor meer product info. over Amerika, ga naar: |
|
Voor meer bestemmings info. over Amerika, ga naar: |
|
|
|
|